



(nog geen reviews | geef uw beoordeling)In 1737 werd op de VOC-werf van Amsterdam het schip De Rooswijk afgebouwd. Het schip was groot genoeg om tussen de 200 en 250 mensen te kunnen vervoeren.
In december 1739 lag de Rooswijk op de rede van Texel te wachten op een gunstige wind om uit te varen. Het was een zeer strenge winter met veel stormen. Op 8 januari 1740 was het zover, de Rooswijk begon aan zijn tweede reis. De volgende dag kwam het schip aan in het Kanaal. Ondertussen was de wind aangewakkerd tot een vliegende storm. De Rooswijk probeerde voor anker te gaan op de rede van Duins, een gebied vlakbij de Engelse plaats Ramsgate. Dat mislukte. Het schip kwam op één van de zandbanken van de Goodwin Sands terecht en liep aan de grond. De Rooswijk verging. Met man en muis, dus ook met de kostbare lading.
De lading
De Rooswijk was in 1740 op weg naar Azië. Het kleinste, maar voor de VOC belangrijkste deel van de lading bestond uit zilver. Ongeveer 1000 staven zilver en duizenden zilveren munten waren aan boord. Verpakt in kleine kisten en opgeborgen in de hut van de kapitein.
Naast dit zilver bevond er zich een grote hoeveelheid goederen aan boord die de bemanning, soldaten en passagiers onderweg nodig hadden, of waar men in Azië om had gevraagd. Over dit deel van de lading en de wijze van verpakking is relatief weinig bekend. Dergelijke voorwerpen zijn daarom vanuit historisch oogpunt veel interessanter en belangrijker dan het zilver. De vondsten uit De Rooswijk hebben eeuwenlang onder een dikke laag zand gelegen, afgesloten van bacteriën en zuurstof. Hierdoor is het materiaal heel goed bewaard gebleven.
De honderden staven zilver en duizenden munten, die eigendom zullen worden van de Nederlandse staat, zijn uit veiligheidsoverwegingen overgebracht naar kluizen in de Randstad. Ze worden dus niet bewaard in het muZEEum.
Geopend met de volgende feestdagen: onbekend.
Gesloten op de volgende feestdagen: onbekend.
Controleer openingstijden altijd op de website van de aanbieder.