Štěpán Ježek: 'Het strijkkwartet vraagt om een democratische benadering'

Bekijk de Edesche Concertzaal | Interview door Jan-Willem van Ree

Het Bennewitz Quartet bestaat twintig jaar!

12 december 2017 Cultuur Ede Het Bennewitz Quartet heeft reden voor een feestje. In 2018 bestaat dit befaamde Tsjechische strijkkwartet twintig jaar. Plannen om dit jubileum groots te vieren hebben de vier heren vooralsnog niet. "Het moet zichzelf ook een beetje aandienen", merkt tweede violist Štěpán Ježek nuchter op. Maar ongemerkt gaat deze mijlpaal zeker niet voorbij. In het muzikale hart van Tsjechië, de Dvorák-zaal van het Praagse concertgebouw Rudolfinum, is het viertal residerend ensemble bij de Tsjechische Kamermuziekvereniging. Een buitenlandse toer is nog niet zeker, maar in ieder geval is het Bennewitz Quartet op 20 januari in de Edesche Concertzaal te gast.

Let op: het kan zijn dat deze pagina verouderde informatie bevat. De pagina staat in het archief.

Het Bennewitz Quartet. Foto: Kamil Ghais
Foto 1. Het Bennewitz Quartet. Foto: Kamil Ghais

Sterke positie

In de afgelopen twintig jaar heeft het Bennewitz Quartet een sterke positie veroverd in de wereld van internationale strijkkwartetten. In 2004 won het kwartet twee speciale prijzen tijdens de ARD Wettbewerb en de Eerste Prijs op de International Chamber Music Competition in Osaka (Japan). In 2008 sleepten ze in Italië de Eerste Prijs op de Borciani Competitie in de wacht. Štěpán Ježek: "Deze competities waren erg belangrijk voor onze carrière als strijkkwartet. Het opende veel deuren naar de belangrijkste concertzalen in Europa en daarbuiten. Na de Japanse competitie speelden we niet minder dan 52 concerten."

Persoonlijk hoogtepunt

Hoe mooi die prijzen ook zijn, toch ligt voor Štěpán Ježek het artistieke hoogtepunt op een ander vlak. "Voor mij persoonlijk was het studeren bij Rainer Schmidt van het Hagen Quartett een van de belangrijkste momenten in onze loopbaan als strijkkwartet. Zijn tips en lessen hebben in zekere zin al deze latere prijzen mogelijk gemaakt." Štěpán was al lid van van het Bennewitz Quartet, toen hij Rainer in 2001 in Wenen ontmoette. "Ik studeerde bij hem en hij nodigde mij en mijn drie collega’s uit om bij hem in Madrid aan de net opgerichte kamermuziekafdeling van de Escuela Superior de Música Reina Sofia te komen studeren."

Openbaring

Štěpán Ježek ervoer die lessen als een openbaring in de finesses van het strijkkwartetspel. "Wat ik heb geleerd is dat het strijkkwartet om een totale democratische benadering vraagt." Wat dat betekent, legt hij uit met een voorbeeld. "Veel jonge kwartetten klinken nogal eens als vier mensen die hetzelfde stuk op hetzelfde moment spelen, zonder veel interactie tussen de partijen. Voor mij staat het verhaal dat je met elkaar wilt vertellen centraal. Kamermuziek gaat niet over competitie of technische perfectie, maar over dienstbaarheid; het gaat om de vraag: 'hoe kan ik mijn eigen partij zo spelen om de anderen beter te laten klinken?' Je moet elkaar inspireren en met elkaar communiceren. In essentie gaat het om professionele betrokkenheid op elkaar, wat er ook gebeurt."

De spelregels van het kwartetspel

Deze materie vormt ook het uitgangspunt voor een groter onderzoek waar Štěpán mee bezig is. "Ik werk momenteel aan een proefschrift, waarin ik de principes van het strijkkwartetspel tegen het licht houd. Leergangen voor de piano en de viool zijn er al genoeg, maar over de vraag hoe je eigenlijk in een strijkkwartet speelt, hebben nog maar weinigen zich gebogen. Het project zal uitmonden in een gids voor talentvolle jongeren, maar ook goede amateurs."

Zachte dwang

Zelf heeft Štěpán veel geluk gehad in zijn vroege muzikale ontwikkeling. Met een moeder als componist klonk er vaak muziek in huis. "Ze zong veel met mij en mijn broer. Ook werden we allebei op muziekles gestuurd; ik op viool en mijn broer op cello." Uiteindelijk zou Štěpán als enige van de familie verder de muziek ingaan. "Mijn ouders gaven veel aandacht aan mijn muzikale ontwikkeling, niet alleen motiverend en ondersteunend, maar soms ook met de nodige dwang", lacht Štěpán.

Bijzondere herinnering

Een bijzondere herinnering heeft Štěpán aan het moment dat hij op vijfjarige leeftijd zijn eerste viool kreeg. "Ik weet nog hoe opgetogen ik thuiskwam van de muziekschool met mijn eerste kleine viool onder de arm. Ik voelde me een echte violist en dat gevoel is eigenlijk nooit meer weggegaan. Ondanks de strubbelingen en moeilijkheden waar iedereen doorheen moet, heb ik gelukkig nooit over een career move hoeven nadenken; ik zou ook niet weten wat het dan geworden zou zijn."

Dvoráks meesterwerk

In de Edesche Concertzaal speelt het Bennewitz een ultiem Tsjechisch meesterwerk: Dvoráks Twaalfde Strijkkwartet, op. 96, met als bijnaam 'Amerikaans kwartet'. Štěpán Ježek: "Het is zonder meer een van de bekendste strijkkwartetten ooit geschreven en het zal de mensen zeker aanspreken. Het is erg harmonieus, met mooie melodieën, vooral in het melancholische langzame deel." Lachend: "Het schijnt zelfs een therapeutische werking te hebben. Van mensen hoor ik wel eens dat, wanneer ze moe naar het concert komen, ze na Dvorák weer opgeladen naar huis gaan."

Amerikaanse volksmuziek?

Antonín Dvorák componeerde dit strijkkwartet in Amerika, waaraan het ook zijn bijnaam dankt. Štěpán vertelt: "Tussen 1892 en 1895 werkte Dvorák aan het conservatorium van New York en verbleef in een heel klein dorpje in de staat Iowa, waar heel veel Tsjechen woonden. Dvorák voelde zich daar erg goed en dat verklaart waarschijnlijk mede het optimistische karakter van de muziek. Daarnaast was hij ook erg geïnteresseerd in de volksmuziek van de lokale bevolking, wat mogelijk ook in de muziek is terug te horen, al blijft het moeilijk te duiden wat het nou precies is."

Goed voor geest en ziel

Het Bennewitz Quartet koppelt Dvoráks 'Amerikaanse Strijkkwartet' aan muziek van Robert Schumann en van de Nederlandse componist Willem Wander van Nieuwkerk. Tussen het werk van beide componisten hoort Štěpán Ježek namelijk een zekere verwantschap. "De muziek van Willem Wander is erg romantisch en klinkt net zo teder als die van Schumann." Maar de gespeelde Super Suite van Van Nieuwkerk heeft zeker ook een eigen profiel: "Het vernieuwende aan dit stuk is dat hij oude koralen en bekende kerkmelodieën een ander karakter geeft, door ze naar nu te vertalen. Zo kan een gregoriaanse melodie ineens als een tango klinken." Het Bennewitz Quartet hoopt met dit programma te bereiken dat de mensen nog meer van kamermuziek gaan houden: "Muziek is goed voor geest en ziel", aldus Štěpán Ježek.

Luister 20 januari 2018 naar het Bennewitz Quartet in een concert in de Edesche Concertzaal.
Het Bennewitz Quartet. Foto: Kamil Ghais
Foto 2. Het Bennewitz Quartet. Foto: Kamil Ghais
Laatst gewijzigd: 2017-12-14 16:28:39 · Gepubliceerd: 2017-11-29 15:58:04 - 200